Slachtofferrol, Verantwoordelijkheid, Volwassenheid

Slachtoffer naar meester: Een stukje proces

Slachtoffer naar meester: Een stukje proces

In dit artikel, gaat het over een belangrijke stap, wanneer het gaat om het proces van ‘je leven in eigen hand nemen’, ontwaken zo je wilt. Het gaat in dit geval niet om het realiseren van de absolute Waarheid, maar om ‘een (schijnbaar) proces, binnen de ‘werkelijkheid’ / droom, die deze uiteindelijke realisatie, wat soepeler kan laten verlopen. Een soort ‘voorbereidend werk’. Waarbij dit alles uiteraard niet als zodanig Waarheid is. Eerder is het een manier van ‘in het leven staan’ / ‘door het leven gaan’. Waarbij voor mij – binnen het verhaal – geldt dat deze ‘omschakeling’ een nogal groot verschil heeft gemaakt in ‘mijn (be)leven’. 

Alleen, en Zelf Verantwoordelijk (voor ALLES!)

Binnen het proces van ontwaken, het (gaan) doorzien van het ego, is zelf-verantwoordelijkheid een belangrijk iets. In plaats van de oorzaak van dingen die in je leven gebeuren, situaties waarin je terecht komt en dingen die je raken, buiten jezelf neer te leggen, is het noodzakelijk om bij alles naar binnen te kijken. Zolang je externe factoren de ‘schuld’ geeft van dat wat jou overkomt en dat wat jou raakt, ben je bezig met jezelf voor de gek te houden. Dat wat je buiten je waarneemt is een afspiegeling van wat er innerlijk speelt. Via je gedachten en gevoelens bewust of onbewust ben je ‘schepper van je eigen werkelijkheid’. Jij bent verantwoordelijk en niemand anders. (Alles is immers perceptie!)

Wanneer er in dat innerlijk verwarring heerst, zul je daarom ook verwarring om je heen scheppen. Wanneer er knopen in je denken of voelen (niveau emoties) zitten, zullen deze knopen zich ook in de waargenomen buitenkant (lijken te) manifesteren. Wanneer je keer op keer in dezelfde situaties terecht komt, maar je kijkt niet naar de rol die je daar zelf in speelt, zullen deze situaties keer op keer weer terugkomen. Zolang je niet bij alles de route volgt van ‘eerst naar binnen’, ben je feitelijk geen meester over je leven. Je bent een speelbal van ogenschijnlijk willekeurige gebeurtenissen binnen de harde, boosaardige – of zachte, blije – wereld. (Beiden uitersten van de polen binnen dualiteit.) Je voelt je slachtoffer van de omstandigheden. Omstandigheden waarvoor je uiteindelijk zelf – bewust of onbewust – verantwoordelijk bent, maar waarop je, door de oorzaak buiten jezelf neer te leggen, geen enkele grip hebt.

Door anderen verantwoordelijk te stellen voor jouw leven, en levensomstandigheden, lijk je ‘controle te hebben’, maar zet je jezelf effectief buitenspel.

Door bij alles wat er gebeurt weer naar binnen te kijken en je de vraag te stellen waarom iets je zo raakt, hoe het toch kan dat je in een bepaald patroon gevangen lijkt te zitten of wat nu de oorzaak is dat er telkens dezelfde situaties op je pad komen, kun je innerlijk aan een oplossing werken. (Je kunt je perceptie ‘veranderen’ – of in elk geval niet tegenhouden dat, dat gebeurt.)

Je kunt actief een andere werkelijkheid scheppen. Je bekijkt de dingen vanuit verschillende invalshoeken, voorbij dualiteit, voorbij de illusie van goed en kwaad. Jij ‘bent de baas’, jij ‘heb de touwtjes in handen’!

 

Zelfmedelijden, Arme ik, Slachtoffer

In het verleden had ik er een handje van, me door Jan en alleman te laten gebruiken. Keer op keer stond ik voor anderen klaar en dacht daarbij dat ik me daarbij baseerde op onvoorwaardelijke Liefde. Wanneer echter de nood aan de man kwam en ik zelf hulp nodig bleek te hebben, nam ik de mensen die ik geholpen had, met terugwerkende kracht alsnog kwalijk, dat ze er niet voor me waren. Tot zover het stuk ‘onvoorwaardelijke Liefde’. Want hoewel ik zo zeker wist dat het daar om ging, bleek het op een wat dieper niveau toch echt te gaan over het principe ‘voor wat hoort wat’. Je kunt toch gewoon verwachten, dat wanneer jij je keer op keer voor een ander hebt ingezet, die ander dat voor jou ook zal doen?, redeneerde ik.

Nou, dat gebeurde dus niet en dat vond ik dan nogal zielig voor mijzelf. Ik voelde me afgewezen en tekort gedaan. Ik voelde me slachtoffer van de situatie en die stomme vriend of vriendin liet me gewoon in de steek, dus ook in dat opzicht was ik slachtoffer. Door mijn geraakt zijn – ik werd boos, geïrriteerd of gefrustreerd (waaronder eigenlijk verdriet en angst zat, besefte ik later) – ontstond dan een conflict. Uiteraard ging ik – zoals dat een goed slachtoffer betaamt – met dat verhaal de boer op. Ik vertelde iedereen, of hij of zij het nu horen wilde of niet, hoe erg het was, wat mij toch overkomen was. Daar voegde ik dan nog aan toe, dat je met ‘die en die’ moest uitkijken, want wanneer je daar iets voor deed, moest je zeker niet iets terugverwachten. “Ik doe alles uit onvoorwaardelijke Liefde en kijk eens naar het resultaat.” Het was bijval, steun en medelijden zoeken voor mijn zielige, arme ikje.

Plaatje van meisje in gedachten

Kut-leven, kut-wereld, kut-mensen, arme ik, waarom is alles en iedereen tegen mij?

Wanneer iemand het vervolgens in zijn hoofd haalde mij te wijzen op mijn eigen verantwoordelijkheid – als ze bijvoorbeeld zeiden dat er niets aan onvoorwaardelijkheid aan mijn handelen zat, dat ik ook anders kon reageren, dat ik me anders kon gedragen en opstellen door niet mijn grenzen over te gaan waar het, het helpen van anderen betrof, dat ik niet de wereld hoefde te redden, dat mijn helpen eigenlijk een verkapte vorm van bemoeizucht was die mij een goed gevoel gaf, waardoor ik dus eigenlijk uit eigenbelang handelde, dat ik me moest uitspreken tegen de persoon om wie het ging, niet over de persoon om wie het ging en dat ik zelf de oorzaak van mijn ellende was – waren de rapen gaar.

(Nu ik dit bovenstaande type, moet ik een beetje lachen. Onvoorwaardelijke Liefde en ‘voor wat, hoort wat’, sluiten elkaar natuurlijk redelijkerwijs uit, maar ik was echt overtuigd van het feit dat ik onvoorwaardelijk handelde en dat het ‘voor wat hoort wat stuk’ – waarvan feitelijk toch sprake was – die onvoorwaardelijkheid om zeep hielp, ontging me compleet. Ik handelde onvoorwaardelijk, maar die ander, bij die ander lag het, die stelde voorwaarden, die was ik-gericht, die liet deze arme ziel stikken. En dan al die mensen bij wie ik steun zocht, bevestiging zocht voor mijn arme, zielige ikje, die me vervolgens zeiden dat ik me niet zo moest aanstellen. Een stelletje hufters en hufterinnen, dat waren het. Een beetje mijn slachtofferschap ontkennen, verdorie.)

Elke keer weer kwam echter hetzelfde verhaal om de hoek. Ik die klaarstond voor anderen, maar als het dan puntje bij paaltje kwam en ik hulp verwachtte, bleek de ander geen tijd te hebben, andere prioriteiten te hebben of bleek er om een andere reden er niet voor mij te kunnen zijn. Hoe goed ik mijn best ook deed en dat deed ik hoor, ik deed beter mijn best dan wie dan ook. Keer op keer stond ik er alleen voor. Ik deugde dan wel, maar die wereld daarbuiten, één groot gekkenhuis. (Hier zelf mee aan de slag? Kijk eens hier voor de mogelijkheden.)

 

Die ellendige ander(en)

Een ander ding waar ik nu aan denk is, dat ik ook altijd zeker wist, dat die ander wel tijd had, wel de mogelijkheden had om te helpen, maar het gewoon verrekte. Ik die altijd voor iedereen klaarstond. Stank voor dank kreeg ik. Hetzelfde gold ook voor de contacten die ik met die anderen had. Ik was er altijd als de kippen bij om direct te reageren, maar zij, zij namen het niet zo nauw. Soms duurde het wel een paar dagen voordat ik antwoord kreeg. Soms kreeg ik helemaal geen antwoord en vaak bedacht ik me dan dat ik – zoals altijd – wel weer iets verkeerd gedaan zou hebben. Wat? Geen enkel idee. De aanleiding? Die was er niet. Toch wist ik zeker dat er iets aan de hand moest zijn en dat, dat wat er aan de hand was, aan mij lag – dat wil zeggen: lag aan hoe die ander aankeek tegen iets wat ik had geschreven. De eikels.

Het was één groot feest van aannames doen, inkleuren en invullen. Dat ik me hierbij baseerde op dingen die ik zelf bedacht had, dingen die ik niet kon weten en dingen die ik, omdat ze ooit een keer – of een aantal keer – zo gegaan waren, nu voor altijd op die manier zag, mocht de pret niet drukken. Ik wist als geen ander de beweegredenen van deze mensen en de oorzaak er voor was natuurlijk dat ze me niet mochten, het lamballen waren, ze er niets van begrepen en dat alles terwijl ik alles, maar dan ook alles deed om maar te helpen. (lees: aardig gevonden te worden.) En daar maakten ze dan weer misbruik van, terwijl wanneer ik dan eens een keer een beroep op iemand wilde doen, die ander altijd weer één of ander smoesje had, waardoor dat niet ging.

Ik herinner me een geval dat ik een aantal keer voor iemand had klaargestaan en toen ik een beroep op diegene deed, was diegene niet thuis. Dat was niet het enige, deze persoon had eigenlijk ook iets tegen me, dat kon ik helemaal de laatste dagen wel merken, omdat hij afgehaakt leek te zijn en me taal nog teken gaf. Natuurlijk was het – zoals altijd – lamlendigheid van die ander, gewoon geen gevoel, gewoon iemand die gebruik maakte van mijn goedheid. Mijn woede, frustratie en irritatie hierover, wenste ik op geen enkele manier onder stoelen of banken te steken. Ik nam dus de telefoon en belde mijn ‘vriend’ op.

Nadat was opgenomen, begon ik ongelofelijk tegen hem uit te varen. Wat hij wel niet dacht. Of hij misschien dacht dat het allemaal eenrichtingsverkeer was, of hij wel wist wat gevoel was, of hij wel besefte wat voor uitbuiter hij was door nu ik eens een keer iets vroeg, er niet voor me te zijn. Toen ik was uitgeraasd en er een stilte viel, hoorde ik mijn vriend aan de andere kant van de lijn vertellen dat er een familielid plots was overleden. Oeps! Verkeerde aanname.

Je zou zeggen dat ik daarna mijn lesje wel geleerd had, maar dat was niet het geval. Ik ging nog jaren op dezelfde voet door. Het kwam gewoonweg niet bij me op om dingen ook daadwerkelijk op basis van onvoorwaardelijkheid te doen en er niets voor terug te verwachten. Ook kwam het niet in me op dat ik niet degene was die voor iedereen in de bres hoefde te springen, een ieders problemen op hoefde te lossen en een soort van de wereld hoefde te redden. Ik besefte niet dat ik mijzelf wegcijferde en opofferde, maar vervolgens wel de frustratie en irritatie die dit met zich meebracht, omdat ik soms niet eens aan mijn eigen dingen toekwam, op de ander zijn nek gooide. Nee, ik was de goedheid zelf, ik gaf, zij ontvingen en ik, ik bleef met lege handen achter. Soms kreeg ik zelfs, terwijl ik zo goed hielp, zo’n blik van ‘houd er nu eens mee op.’ Ondankbaarheid ten top!

Bang ‘te kort te komen’, bang ‘in de steek gelaten te worden’, bang ‘om bang te zijn’. De illusionaire angst, afgescheiden te zijn.

Verandering

Op een bepaald moment in mijn leven, pakte ik de draad van bewustwording en spiritualiteit– iets wat mijn hele leven aanwezig is geweest, soms actief, soms sluimerend – weer op. Zo kwam ik er achter dat de dingen die ik denk, de manier waarop ik in dingen sta, hoe ik naar dingen kijk, de waarde waarop ik mijzelf in schat, er allemaal toe doen. Dat, dat de basis is van hoe ik met de wereld omga en hoe de wereld met mij omgaat. Dat mijn gedachten, emoties, overtuigingen, enzovoorts, allemaal ‘manieren van scheppen’ zijn.

Langzaamaan begon het kwartje te vallen dat ik, wanneer ik er vanuit onvoldoende zelf-liefde voor koos om me als slachtoffer van het leven te gedragen, ook altijd slachtoffer van het leven zou blijven. Ik kwam er achter dat de patronen die ik in mijn leven tegenkwam, niet zomaar uit de lucht kwamen vallen, maar dat ik daar zelf verantwoordelijk voor bleek te zijn. Ik offerde me op, bood mezelf ongebreideld aan, deed vooral alles om de goede lieve vrede te bewaren en aardig gevonden te worden. Nogal logisch dat mensen daar gebruik van maakten. Ik liet ze dat ook doen. Ik was het die dat toeliet. Het lag helemaal niet aan die ‘akelige’ vriend of vriendin, zijn of haar ik-gerichtheid, zijn of haar laconieke houding ten opzichte van mij, et cetera. Nee, het lag feitelijk allemaal aan mij.

Ik was degene die – vanuit een drang naar erkenning en aardig gevonden worden –zich liet ge- of misbruiken door niet mijn grenzen te bewaken, allerlei dingen in zijn hoofd haalde met betrekking tot onwaardig zijn vanuit mezelf onwaardig voelen, er al bij voorbaat vanuit ging dat dingen op een bepaalde manier zouden lopen, de wereld met ogen vol argwaan gadesloeg, enzovoorts. Tja, het Universum luistert wel, jij vraagt, het Universum draait. Dus kreeg ik totdat de verandering inzette ook waar ik – onbewust – om vroeg. (Daar is niets zweverigs aan, dat is niet iets spiritueels, maar gewoon een kwestie van aandacht, tijd en (manier van) kijken.) 

Wat ik wilde was wel ‘goed’, maar aangezien het niet ten uitvoer werd gebracht, was het feitelijk helemaal ‘niets’.

Daarnaast bemerkte ik, dat ik me – zonder me er bewust van te zijn – beter voelde dan anderen. Zoals ik eerder aangaf: Ik handelde – dit bleek later een onterechte aanname – vanuit onvoorwaardelijke Liefde, die anderen niet. Ik stond open voor het gedachtegoed van anderen, die anderen niet voor mijn gedachtegoed, ik liep het juiste pad, die anderen niet, enzovoorts, enzovoorts. Ik vergeleek, selecteerde, legde uit hoe het me het beste uitkwam, maakte zwart, praatte goed, enzovoorts.

Doordat ik deze hersenspinsels had, in combinatie met een extreem laag zelfbeeld, ontstond er blijkbaar een vreemd beeld over anderen. Blijkbaar had ik het- zonder het in de gaten te hebben – nodig om anderen ‘onderuit te halen’ of kleiner te maken, om mezelf maar niet zo belabberd te voelen. Eigenlijk was veel in mij een groot vat van paradoxen. Ik was instabiel, schoot alle kanten uit en zag dat ook in de wereld om mij heen gebeuren. Met dat wat ik nu weet, nogal logisch. Een instabiel innerlijk, zorgt voor een instabiele waargenomen wereld.

Vanaf het moment dat ik me van deze dingen bewust werd, kon ik de dwalingen in mijn overtuigingen, denken en daarmee handelen, gaan corrigeren. Iets wat ook nu nog een lopend proces is.

Ook dit alles ging niet zonder slag of stoot, omdat ik verzeild raakte in allerlei New Age en spirituele leringen en het zodoende opnieuw buiten mijzelf neerlegde. Ik leerde me tal van deze leringen aan. Leringen die onderling vaak ook weer in tegenspraak met elkaar zijn, waardoor er opnieuw paradoxen ontstonden en ik nog steeds aan verwarring en instabiliteit onderhevig was. Vooral dat spirituele gebeuren (de spirituele duivel) – zo weet ik nu – is iets wat je danig in verwarring kan brengen. Daarbij vergeleken is het niet spirituele leven, de conditionering en overtuigingen die daaruit voortkomen, maar kinderspel. Alles was op een ander niveau weer opnieuw begonnen.

plaatje: Vervagen problemen, overtuigingen, aannames, tegenstellingen, 'ik', en uiteindelijk 'zelf'.

Vervagen problemen, overtuigingen, aannames, tegenstellingen, ‘ik’, en uiteindelijk ‘zelf’.

 

Naar binnen keren

Op een gegeven moment ben ik echt naar binnen gaan keren. Ik ben mijzelf gaan analyseren. Dit analyseren heb ik een tijdje ‘op papier’ gedaan, dat wil zeggen: Ik deed een ‘cursus’ waarbij je gedachten en emoties die je had, in kaart bracht. Hierbij diende je dan een motivatie te geven en uit te leggen hoe je er nu mee was omgegaan en hoe je dat in de toekomst (eventueel) anders zou doen. Op die manier leerde ik mijn gedachten en emoties (h)erkennen. De dingen die ik schreef werden door een ervaringsdeskundige, die eenzelfde traject had afgelegd, gelezen en daar waar nodig – in onderling overleg – gecorrigeerd. Uitgangspunt hierbij was zelf-verantwoordelijkheid en brute zelf-eerlijkheid. Hiermee kwamen hele kluwen knopen en verwarringen boven water. Het grote ontrafelen en ontknopen was begonnen.

Plaatje knoop in touw; kijken, ontwarren, voelen, loslaten

Kijken, ontwarren, voelen, loslaten, kijken, ontwarren….

Hoewel ik ook het schrijven – bijvoorbeeld hier op de website, wat ook een therapeutische werking heeft: ik schrijf hier grotendeels voor mijn eigen proces – nog steeds gebruik, ben ik meer en meer de dingen gaan bekijken vanuit mijn innerlijk. Wanneer ik naar binnen keer en daarbij in het moment blijf, kan ik mijn gedachten en emoties vanaf een afstand bekijken. Het komt als het ware voorbij. In de meeste gevallen is het voldoende om de kronkels te zien, om ze vervolgens – nadat ze bewust geworden zijn – te kunnen gladstrijken. Eigenlijk is het een kwestie van observeren, het laten zijn en vooral zien voor wat het is, zonder oordeel en zonder afkeuring. (Veranderingen gebeuren spontaan, zolang je zelf niet probeert de controle er op te houden. In het laatste geval is er immers sprake van verzet tegen ‘de natuurlijke stroom’.) 

Alle externe invloeden heb ik achter me gelaten of ben ik achter me aan het laten, omdat ik nu weer weet, dat alle wijsheid, alles wat je maar wilt weten, alles wat je nodig hebt om tot de onthechting van het aardse te komen, allemaal in je Zelf zit. Vanuit het contact met dat Ware Zelf, kun je de dingen helder zien, kun je je patronen, gedachten en emoties observeren. Daarnaast heb ik mij opengesteld voor de ‘kritiek’ van anderen, omdat ik gemerkt heb dat anderen dingen vaak sneller opmerken dan dat je dat zelf doet. Ook met die informatie is de weg weer naar binnen. Soms heeft iemand het dan helemaal juist gezien, waardoor ik me ergens van gewaar wordt. In andere gevallen heeft het te maken met een stukje interpretatie en filtering van die ander, waarna ik het met een gerust hart naast me neer kan leggen. Sleutel blijft om in alle openheid, zonder bevooroordeeld te zijn, vanuit je Ware Zelf te kijken en doorzien. Iets wat naarmate je er ervaring mee krijgt, steeds makkelijker wordt. Ook zijn er veel dingen die de revue al eens gepasseerd hebben, waardoor er meer stabiliteit is ontstaan.

‘Vrijheid’ ligt aan ‘de andere kant’, ‘naar binnen’, in plaats van ‘naar buiten’, om uiteindelijk te realiseren dat er van ‘binnen’ en/of ‘buiten’ geen enkele sprake is.

Op die manier heb ik veel van mijn oude patronen achter me kunnen laten. Ik heb de shift kunnen maken van ‘voor wat hoort wat’ vermomd als onvoorwaardelijk handelen, naar – merendeels – daadwerkelijk onvoorwaardelijk handelen. Ik heb een groot gedeelte van mijn woede die ik bij me had kunnen overstijgen op deze manier en ik heb voor het grootste gedeelte de shift kunnen maken van slachtofferschap naar zelf-verantwoordelijkheid. Ik doe mijn best bij alles wat er gebeurt – 24/7/365 – te kijken wat mijn rol is, waar mijn gevoel vandaan komt en wat ik kan doen om het anders te laten gaan. Soms is dat iets veranderen, soms iets accepteren en soms gaat het hierbij om dat wat niet meer dient, los te laten.

Geen autoriteit buiten 'jezelf'

Geen autoriteit buiten ‘jezelf’

Je bent je eigen leider en je weet die shit!

Inmiddels weet ik het weer: ‘Je bent je eigen leider en je weet die shit!’ Wanneer er iets in mijn leven gebeurt, heeft het geen enkele zin daar een ander de ‘schuld’ van te geven, want de oplossing – accepteren, veranderen of loslaten – ligt bij mijzelf. Ik hoef me niet klakkeloos van alles te laten gebeuren, daar ben ik namelijk zelf bij (of niet natuurlijk), ik maak mijn keuzes gebaseerd op mijn innerlijk in plaats van daarvoor bij anderen ten rade te gaan, ik beheers (steeds beter) mijn gedachten en emoties en neem daar verantwoordelijkheid voor, ik bevestig mijzelf en ben daarvoor niet langer afhankelijk van anderen, ik hou van mezelf en heb daarvoor niets externs meer nodig, enz..

Hoewel ik er nog niet helemaal ben, ik ga nog – te vaak voor mijn gevoel – wel eens de fout in, waardoor ik me toch weer even slachtoffer voel, iets terugverwacht of boos word, maar in vergelijking met voorheen is de vooruitgang wonderlijk. Toch ben ik pas helemaal tevreden wanneer ik daadwerkelijk meester ben over mijn gedachten, emoties en energie, zodat ik niet langer een trekpop ben – reactief ten opzichte van situaties, materie en anderen – en innerlijk en uiterlijk stabiel op één lijn zitten. Het op één lijn brengen van denken, voelen en handelen – waardoor er een coherentie / eenheid ontstaat waardoorheen het licht van het Ware Zelf kan schijnen – is, samen met het onthechten van de aardse ‘werkelijkheid’ – de dood van het ego – naar mijn beleving van levensbelang. Het is een beetje een dubbelop ding. Wanneer namelijk het ego – zoals iemand als Eckhart Tolle beweert dat bij hem het geval is (en wie ben ik om daaraan te twijfelen) – ineens sterft, er dus direct onthechting is, is het transparant maken van het denken, voelen en handelen niet nodig. Aangezien ik niet het gevoel heb binnenkort ineens ego-loos wakker te worden, blijf ik voorlopig maar ‘werken’ aan dit prachtige proces van doorzien, doorvoelen, analyseren, loslaten en onthechten.

Plaatje vraagteken

Niets geloven, ‘Niet(s) weten’

verder

Verder

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *